24-jarige bakker koopt Ferrari 458 Italia door jarenlang extreem zuinig te leven
In dit artikel:
Een 24‑jarige bakker heeft zichzelf de Ferrari 458 Italia cadeau gedaan door extreem zuinig te leven en keihard te werken. Sinds zijn zestiende draait hij vijftig uur per week, staat iedere nacht om vier uur op om brood te bakken en stort elke vrijgekomen euro in een speciaal ‘autofonds’. Geen dure vakanties, geen merkkleding, geen uitgaan — alles wordt opgeofferd voor één doel: een supercar.
De route naar de 458 liep via tussenstappen: op zijn negentiende kocht hij een Porsche Cayman, later een Ferrari F430 Spider, steeds met de intentie slim door te ruilen en zo afschrijving te beperken. Uiteindelijk viel de keuze op de 458 Italia — door liefhebbers geroemd als de laatste Ferrari met een atmosferische V8 en gezien als het hoogtepunt van een bepaald Ferrari‑tijdperk.
Die droom heeft een stevige prijs. Alleen al verzekering, wegenbelasting en onderhoud kosten hem ongeveer 1.300 euro per maand, zonder kilometrage of onvoorziene reparaties mee te rekenen. Daardoor heeft hij nauwelijks financiële buffer; kleine huishoudelijke pech kan al flinke schade veroorzaken. Critici noemen zijn aanpak onverantwoord, liefhebbers prijzen de emotionele waarde boven sparen of beleggen.
Het verhaal draait minder om de auto dan om prioriteiten: het laat zien dat een droom haalbaar is zonder rijke ouders, mits je bereid bent extreme offers te brengen en risico’s te accepteren. Voor sommige mensen is dat verstandige planning, voor anderen een te groot financieel risico — maar het illustreert hoe verschillend mensen welzijn en geluk kunnen prioriteren.