Amerikaanse automakers: Voorgestelde EU-regels blokkeren onze grootste pick-ups
In dit artikel:
De EU en Amerikaanse autofabrikanten staan in een steeds scherper geschil verstrengeld over de toelating van grote pick-ups in Europa. Na een handelsakkoord vorig jaar dat importtarieven op auto’s verlaagde, beschuldigen fabrikanten uit Detroit Brussel ervan via technische regels iconische modellen als de Ford F‑150, Chevy Silverado en Ram 1500 de facto van de Europese wegen te weren.
Het twistpunt is de hervorming van het systeem voor individuele typegoedkeuring, een route die importeurs tot nu toe gebruikte om specialistische, niet voor de Europese massamarkt ontwikkelde voertuigen onder soepelere voorwaarden toe te laten. In 2024 ging het om zo’n 7.000 Amerikaanse auto’s. De Europese Commissie wil die route aanscherpen om wat zij ziet als juridische gaten te dichten en mogelijk onveilige voertuigen van de weg te houden.
Vanuit Washington klinken stevige protesten. De Amerikaanse ambassadeur bij de EU, Andrew Puzder, waarschuwt dat zulke technische barrières de geest van het handelsakkoord ondermijnen: "Je kunt geen lage tarieven en enorme niet‑tarifaire handelsbelemmeringen hebben", zegt hij. Lobbyorganisaties en topmensen uit de industrie noemen de maatregelen protectionistisch en wijzen erop dat Europa juist profiteert van lagere tarieven richting de VS.
Tegelijkertijd wijzen milieu- en verkeersveiligheidsgroepen op reële gevaren: hoge motorkappen van grote pick‑ups beperken het zicht zodanig dat jonge kinderen direct voor de auto onzichtbaar kunnen zijn. Voor Brussel vormt die veiligheidszorg de belangrijkste rechtvaardiging voor de aanscherping, maar voor Detroit voelt het als politiek gemotiveerde handelsbelemmering die de trans‑Atlantische relatie onder druk zet.