Auto-industrie: Ooit was Duitsland een toonaangevende natie
In dit artikel:
De Duitse auto-industrie staat onder structurele druk: productie verschuift oostwaarts in Europa en hoge arbeidskosten bedreigen resterende vestigingen. Een lichtpunt is dat Duitsland relatief minder productieverlies leed dan sommige westerse concurrenten doordat de productie van elektrische personenauto’s met circa 15% toenam. Maar dat compenseert niet het bredere probleem: zonder lagere loonkosten kan ook de EV-productie op termijn verhuizen.
Signalen van krimp stapelen zich op. Audi kondigde aan de A8 te schrappen zonder directe opvolger, en zowel Mercedes als de Volkswagen‑groep (inclusief Audi en Porsche) kenden een moeilijk jaar—terwijl BMW wel doorgaat. Ford‑fabrieken in Duitsland hebben een onzekere toekomst (één staat te koop, een ander dreigt werkloos te raken bij het stoppen van modellen als de Explorer en Capri). Opel verloor jaren geleden al terrein toen General Motors afscheid nam; technische keuzes maakten het merk vervolgens inhoudelijk zwakker.
Bijkomende tegenslag is geopolitiek: de recente aanval op Iran door Israël en de Verenigde Staten heeft de autoverkoop in die regio hard geraakt, vooral de vraag naar dure, luxe Duitse modellen. Zonder beleidsmaatregelen gericht op kosten en concurrentiekracht lijkt verdere ontmanteling van binnenlandse productie waarschijnlijk.