Brandstofprijs naar recordhoogte: Waarom accijnsverlaging de echte crisis niet oplost

maandag, 23 maart 2026 (18:45) - Autobahn

In dit artikel:

Benzine kost inmiddels gemiddeld €2,57 per liter en diesel €2,68, een stijging die deels wordt toegeschreven aan de escalatie in het Midden-Oosten. Terwijl oppositiepartijen aandringen op een onmiddellijke accijnsverlaging aan de pomp, waarschuwt minister Eelco Heinen (Financiën) dat een algemene korting miljarden kost en vooral hogere inkomens ten goede komt. Heinen zei op WNL dat het nieuwe kabinet-Jetten pas in de zomer definitieve keuzes wil maken en dat elk instrument zorgvuldig tegen de kosten van de schatkist moet worden afgewogen.

Economen ondersteunen die terughoudendheid. ING-econoom Bert Colijn wijst erop dat veelvuldige rijders met hogere inkomens het grootste deel van zo’n voordeel zouden incasseren; een verlaging van bijvoorbeeld tien cent zou zo’n miljard euro per jaar kosten. Volgens TNO’s Peter Mulder zijn echter vooral ruim 200.000 zogeheten risicohuishoudens echt in de knel: lage-inkomensgezinnen die vanwege werk of zorg afhankelijk zijn van de auto en geen betaalbaar alternatief hebben. Voor hen is een kleine accijnsverlaging slechts een tijdelijke pleister.

Het kabinet verkent daarom gerichtere oplossingen in plaats van een universele accijnskorting. Voorbeelden zijn inkomensafhankelijke steun, gerichte energietoeslagen of nieuwe instrumenten zoals 'social leasing' — een model dat in Frankrijk al bestaat waarbij huishoudens tegen betaalbare maandbedragen (circa €50–150) een elektrische auto kunnen leasen. Die aanpak moet hulp direct bij de meest kwetsbaren brengen zonder miljarden te verspillen en zonder de transitie weg van fossiele brandstoffen te frustreren. Definitieve maatregelen worden naar verwachting deze zomer bekendgemaakt.