De benzineaccijns ging omhoog, maar Den Haag ziet bijna 400 miljoen aan verwachte inkomsten verdampen

woensdag, 23 september 2026 (14:31) - Autobahn

In dit artikel:

De hogere benzineaccijns levert de Nederlandse schatkist in 2026 juist minder geld op dan eerder geraamd. Financiën verlaagde de verwachting voor accijns op lichte olie, vooral benzine, met 357 miljoen euro: van 4,897 miljard naar 4,540 miljard euro. Dat gebeurt ondanks een stijging van het tarief van ongeveer 78,9 naar 84,5 cent per liter.

De oorzaak is dat er in Nederland minder brandstof wordt getankt. Volgens CBS-cijfers daalde de binnenlandse benzineverkoop in het eerste kwartaal met 4,1 procent en in het tweede kwartaal met 6,6 procent. Brancheorganisatie NOVE meldt over de eerste helft van 2026 een daling van 9,5 procent voor benzine, diesel en lpg samen. Mogelijke verklaringen zijn hoge brandstofprijzen, zuinigere auto’s, de groei van elektrisch rijden en tanken in België of Duitsland. Begin 2026 waren er bijna 695.000 volledig elektrische personenauto’s in Nederland.

Financiën onderzoekt nog welk deel van de daling door grenseffecten komt. Een hogere accijns is daardoor niet automatisch de directe oorzaak van de lagere verkoop; ook olieprijzen, marges, transportkosten en btw beïnvloeden de pompprijs. Wel blijkt dat de overheid alleen belasting ontvangt over liters die daadwerkelijk in Nederland worden verkocht. De gebruikelijke vuistregel dat één cent extra accijns circa 53 miljoen euro oplevert, gaat bovendien uit van een gelijkblijvend verkoopvolume.

Voor 2027 blijft dit effect relevant. Het kabinet wil de tijdelijke accijnskorting verlengen, waardoor benzine ongeveer 85 cent per liter zou blijven kosten in plaats van circa 1,03 euro. Het voorstel moet nog door beide Kamers worden goedgekeurd. Duitsland wil vanaf oktober de energiebelasting tijdelijk verlagen, wat het prijsverschil met Nederland en het risico op extra tanken over de grens opnieuw kan vergroten.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside: Johan Derksen: ‘Belachelijk dat Jetten weer weg is als Nederland stijf van de stress staat’