De Cupra Tavascan heeft officieel een uitzonderingspositie in de EU
In dit artikel:
Seat S.A. en moederbedrijf Volkswagen hebben via de Europese Commissie bereikt dat de in China gebouwde Cupra Tavascan vrijgesteld wordt van de extra hoge invoerheffingen die sinds 2024 op Chinese elektrische auto’s gelden. Die heffingen zijn ingesteld omdat de EU vreest dat door staatssteun bevoordeelde Chinese merken oneerlijke concurrentie vormen; bovenop de gebruikelijke 10% importtarief loopt de maatregel per fabrikant uiteen (van 7,8% voor Tesla tot 38,1% voor SAIC).
De vrijstelling voor de Tavascan komt niet vrijblijvend: Volkswagen moest aantonen dat de prijsstelling van het model de Europese auto-industrie geen schade berokkent. Als tegenprestatie gelden aanvullende beperkingen: er is een ongespecificeerd minimumprijs, een maximumaantal Tavascans dat in de EU verkocht mag worden, en Volkswagen Anhui (de joint venture met JAC die het model bouwt) mag geen andere elektrische of plug‑inhybride auto’s vanuit China in de EU afzetten.
De beslissing is voor Cupra van groot belang. Het merk had veel in de Tavascan geïnvesteerd en vreesde dat strenge heffingen banenverlies in Europa zouden kunnen veroorzaken. De Tavascan deelt technische basiscomponenten met de Volkswagen ID.5, maar wordt in tegenstelling tot die ID.5 in China geproduceerd — precies de reden waarom hij onder de heffing viel.
De zaak illustreert dat de EU-heffingen geen keiharde blokkade zijn: fabrikanten kunnen uitzonderingen bedingen mits zij garanties geven over prijs, volumes en productaanbod. Ook toont het nadeel van de maatregel zich: de heffing geldt alleen voor in China gebouwde EV’s, waardoor merken als MG en BYD profiteren door alternatieven of hybride modellen te importeren.
Sinds de marktintroductie in 2024 zijn er 1.685 Cupra Tavascans verkocht, waarvan 1.407 in 2025. Op de tweedehandsmarkt staan momenteel jonge exemplaren te koop; prijzen beginnen rond de €41.000.