De goedkoopste Mercedes is gered van de ondergang, maar hij mag niet meer in Duitsland gemaakt worden

zaterdag, 10 januari 2026 (11:31) - Autobahn

In dit artikel:

Mercedes draait bij: de A‑Klasse blijft voorlopig in het programma, maar wordt vanaf het tweede kwartaal van 2026 niet meer in Rastatt (Duitsland) gebouwd maar in de fabriek van Kecskemét (Hongarije). Het model blijft in productie tot minstens 2028 om marktaandeel en instapklanten te behouden, aldus Mercedes. Rastatt wordt definitief vrijgemaakt voor de nieuwe MMA‑platformmodellen en elektrische opvolgers zoals de toekomstige elektrische CLA en de volgende GLA.

De ommezwaai volgt op een eerdere beslissing om de compacte hatchback te schrappen omdat hij te weinig marge oplevert; de auto zou plaatsmaken voor hogere segmenten. De praktijk — blijvende vraag naar betaalbare premiumauto’s en een stagnatie in EV‑verkoop — noopte tot bijstelling. Hongarije biedt lagere loon- en energiekosten, waardoor de A‑Klasse ook in het einde van zijn levenscyclus rendabel kan blijven produceren; het label ‘Made in Germany’ verdwijnt daarmee van de achterruit.

De B‑Klasse krijgt geen vergelijkbare toekomst: Mercedes stopt met dit compacte MPV‑model en brengt geen directe opvolger, omdat het merk volledig inzet op SUV’s en crossovers. Binnen het concern circuleert wel het idee van een compacte ‘Little G’ — een kleinere, stoerdere G‑variant met een hoger prijskaartje — die deels ook in Hongarije gemaakt zou kunnen worden.

Strategisch is het een noodgreep: de verkoop van compacte Mercedes‑modellen daalde in 2024 met 11% naar 374.000 stuks, maar dat volume blijft financieel en strategisch belangrijk om fabrieken te vullen en jonge klanten aan het merk te binden. Mercedes benadrukt dat er op de lange termijn een instapmodel zal blijven, mogelijk in de vorm van een vereenvoudigde, goedkopere uitvoering van de GLA.