De Smart Fortwo maakt een comeback, maar waarom?
In dit artikel:
Smart, sinds ruim 3,5 jaar terug op de Europese markt na een herstart onder Chinees medezeggenschap (Geely nam de helft van de aandelen over van Daimler), probeert het merk opnieuw zijn oorsprong te vinden. Na commerciële teleurstellingen met de in China gebouwde #1, de hogere #3 en de forse SUV #5 — en met een zelfs nog groter #6-sedan alleen voor de thuismarkt — toont Smart op de Beijing Auto Show een concept dat expliciet teruggrijpt naar het oorspronkelijke idee van de Fortwo: de #2.
Het concept van de #2 is duidelijk geïnspireerd op de originele compacte stadsauto: twee zitplaatsen, korte lengte (2,79 m), wielen in de hoeken en een contrasterend dak. Mercedes-invloeden zijn zichtbaar (het designteam van Mercedes werkte mee en in de koplampdetails verwijzen coördinaten naar het hoofdkantoor in Sindelfingen). Technisch is de #2 volledig elektrisch en gebouwd op Smarts eigen ECA-platform. Smart meldt een bereik van circa 300 km, snelladen van 10–80% in minder dan 20 minuten, V2L-functionaliteit en een scherpe draaicirkel van 6,95 m — eigenschappen gericht op wendbaarheid in drukke steden. De productieversie, die smaller wordt en kleinere wielen krijgt dan het showmodel, staat gepland voor onthulling op de Autosalon van Parijs in oktober. Een sportieve Brabus-uitvoering is niet uitgesloten; een cabriovariant is minder aannemelijk vanwege Chinese voorkeuren.
De herintroductie van een ultracompact model is zowel een poging om terug te keren naar Smarts DNA als een antwoord op de verkoopschade die grote, dure modellen in Europa veroorzaakten. Maar forse vraagtekens blijven: de originele Fortwo was nooit een volumesucces zoals een Fiat 500, Mini of Renault 5. Of Europese kopers nu wél massaal geïnteresseerd raken in een moderne micro-EV is onzeker. De auteur plaatst Smarts zet in een breder kader van moeizame merkcomebacks (zoals Lancia of mislukte reïncarnaties elders) en suggereert dat de #2 vooral een nostalgische zet is in een tijd waarin merkidentiteit en marktvraag ver uit elkaar liggen.