Deze EV-specificatie lijkt belangrijk, maar zet veel kopers op het verkeerde been
In dit artikel:
Automerken promoten vaak één indrukwekkend piekvermogen (bijvoorbeeld 250 kW), maar dat cijfer zegt weinig over hoe snel je batterij in de praktijk weer genoeg bereik geeft tijdens een stop langs de snelweg. Tests en analyses van onder meer Automobile Propre en de P3 Charging Index tonen dat het maximale vermogen doorgaans slechts kort wordt gehaald; het gemiddelde laadvermogen tussen 10 en 80 procent ligt vaak tientallen procenten lager dan het geadverteerde piekgetal. De reden is eenvoudig: laadstroom volgt een curve en daalt zodra de accu warmer wordt of voller raakt om slijtage te voorkomen.
De ANWB raadt daarom aan bij snelladers meestal te stoppen bij ongeveer 80 procent, omdat de laatste procenten van 80 naar 100 veel langzamer gaan en onnodig tijd kosten. Voor lange vakantieritten levert het vaak meer op twee kortere stops te doen binnen het efficiënte deel van de laadcurve dan één lange sessie om helemaal vol te laden.
Consumenten doen er verstandig aan niet alleen naar het hoogste kW-nummer te kijken, maar naar praktische parameters: de laadtijd van 10–80 procent, of een auto batterijvoorverwarming (preconditioning) heeft en het energieverbruik per kilometer. Een zuiniger EV met matig piekvermogen kan in vijftien minuten meer bruikbare kilometers bijladen dan een zware auto met een veel hoger piekvermogen. Kortom: let op stabiele laadcurves, 10–80-tijden en efficiëntie in plaats van blind te vertrouwen op het hoogste brochurecijfer.