Deze nieuwe EU-plannen kunnen je volgende elektrische auto ineens €2.100 duurder maken
In dit artikel:
De Europese Unie wil de eigen auto-industrie versterken en minder afhankelijk worden van buitenlandse leveranciers, vooral uit China. In het voorstel voor de Industrial Accelerator Act, dat de Europese Commissie op 4 maart 2026 presenteerde, kunnen fabrikanten voor subsidies en overheidsopdrachten worden verplicht een groter aandeel Europese onderdelen te gebruiken. Voor elektrische auto’s gaat het daarbij onder meer om batterijcellen.
Juist die eis kan elektrische auto’s duurder maken. Volgens een berekening van de Brusselse denktank Bruegel kosten Europese batterijcellen momenteel ongeveer 85 euro per kilowattuur, tegenover circa 50 euro voor geïmporteerde cellen. Bij een accu van 60 kilowattuur zou dat het productiebedrag met ongeveer 2.100 euro verhogen. Als autofabrikanten die kosten doorberekenen, stijgt ook de prijs bij de dealer. Vooral in het betaalbare segment, waar een auto bijvoorbeeld 25.000 euro kost, kan dat verschil zwaar wegen.
De batterij is een van de belangrijkste kostenposten van een elektrische auto. Europese fabrieken worden wel gebouwd en uitgebreid, maar de sector is nog niet groot genoeg om voldoende betaalbare cellen te leveren. Ook voor grondstoffen en de verdere verwerking blijft Europa deels afhankelijk van het buitenland. Daarnaast loopt Europa achter op Chinese fabrikanten bij goedkopere LFP-batterijen, die belangrijk zijn voor betaalbare elektrische modellen.
De voorgestelde regels verplichten niet elke fabrikant direct om volledig Europese accu’s te gebruiken. Ze kunnen bedrijven wel stimuleren hun productie en inkoop aan te passen om voor Europese steun in aanmerking te komen. Als die eisen sneller worden ingevoerd dan de Europese industrie concurrerende onderdelen kan leveren, kunnen de productiekosten verder oplopen.
Mercedes-topman Ola Källenius waarschuwde op 21 oktober tijdens het Berlin Global Dialogue eveneens dat strengere Europese herkomsteisen de productie duurder kunnen maken. Volgens hem bestaat een auto uit duizenden onderdelen uit verschillende landen en is de sector ingericht op internationale toeleveringsketens. Hij pleit daarom, mede namens autobrancheorganisatie ACEA, voor handelsakkoorden en samenwerking met belangrijke partners in plaats van vergaande beperkingen op buitenlandse leveranciers.
Het uiteindelijke effect op consumenten hangt af van de definitieve EU-regels, de ontwikkeling van batterijprijzen en de vraag hoeveel van de extra kosten fabrikanten zelf dragen. De plannen moeten Europa industrieel sterker maken, maar kunnen elektrische auto’s op korte termijn juist minder betaalbaar maken.
Vandaag Inside: Nico Dijkshoorn vertelt over bizarre fascinatie; René van der Gijp weet niet wat hij hoort!