Deze Peugeot 608 is ons in 2010 door de vingers geglipt ...

maandag, 4 mei 2026 (10:08) - Auto Internationaal

In dit artikel:

Peugeot presenteerde eind april op de Beijing Motor Show de Concept 6 als voorbode van een nieuwe 608 die in China geproduceerd en verkocht moet worden. Samen met de Concept 8 bevestigde het merk dat beide ontwerpen naar productie zullen gaan; de toekomstige 608 en 8008 worden gebouwd door Dongfeng, de lokale Stellantis-joint-venturepartner.

Het idee van een topmodel bij Peugeot is niet nieuw. Al halverwege de jaren 2000 circuleerden interne projecten voor een 608: in 2005 werd een controversiële shooting brake (W31) verworpen, waarna in 2007 een conventionele sedanstudie (W35) werd ontwikkeld door designchef Jérôme Gallix. Die W35-sedan, gepland om rond 2010 de 607 op te volgen, kreeg steun binnen de familie Peugeot maar stuitte op twee problemen: technisch ontbrak het merk aan een geschikt premiumplatform (bijvoorbeeld achterwielaandrijving of een V8) en interne machtswisselingen binnen het bedrijf.

Interne politiek speelde een doorslaggevende rol. Frédéric Saint‑Geours, toenmalig president, had een moeizame relatie met Gallix en voerde begin 2009 een reorganisatie door in de designafdeling. Gallix vertrok, Jean Ploué kreeg de leiding over design en later volgden Gilles Vidal en Thierry Métroz. Met die koerswijziging en het manifest van de Peugeot SR1 uit 2010 verdween de W35‑608 van de agenda en werd het project definitief geschrapt. Sommige esthetische ideeën uit eerdere projecten vonden later wel hun weg naar andere modellen, zoals elementen van de W31 naar de tweede generatie 508 SW.

Met Concept 6 waagt Peugeot nu een nieuwe poging, maar deze keer volledig gericht op China: het concept lijkt op een shooting brake, maar Peugeot geeft aan dat de productieversie een traditionele sedan wordt — een noodzakelijke keuze om succes te hebben op de Chinese markt. Dat terrein is echter zwaar bevochten. Duitse premiummerken domineren de showrooms en hebben bij jonge Chinese kopers grotere technologische allure; prijs- en kwaliteitspercepties werken tegen Franse spelers. Bovendien is export van een Chinees gebouwde sedan naar Europa risicovol, gezien eerdere mislukkingen van Franse grote sedans (zoals de Renault Latitude en de DS 9).

De auteur wijst ook op een strategische paradox binnen Stellantis: historisch had Opel (als Buick) meer succes in China dan Peugeot, waardoor het debat bestaat of Stellantis niet beter Opel had kunnen inzetten voor zo’n offensief. Peugeot lijkt desondanks de eigen weg te kiezen en hoopt met China als thuisbasis alsnog een nieuw topmodel voor het merk te creëren.