Een parkeerbon is een belastingaanslag: waarom vijf jaar niet altijd het einde is
In dit artikel:
Een gemeentelijke parkeerbon is juridisch geen verkeersboete, maar een naheffingsaanslag parkeerbelasting. Wie op een betaald parkeerterrein niet betaalt, moet het ontbrekende parkeergeld vergoeden en daarnaast kosten voor de naheffing betalen. Die kosten mogen volgens de regeling voor 2026 maximaal 82 euro bedragen, exclusief het parkeertarief. Gemeenten kunnen bovendien aanmaningskosten en kosten voor een dwangbevel rekenen. Een parkeerfout zoals parkeren op de stoep of op een gehandicaptenplaats valt wel onder een verkeersboete via het CJIB en volgt andere regels.
Een parkeerbelastingvordering verjaart in beginsel vijf jaar nadat de betalingstermijn is verstreken. Die termijn begint dus niet automatisch op de dag waarop de auto verkeerd of onbetaald geparkeerd stond. De gemeente kan de verjaring stuiten met bijvoorbeeld een geldige aanmaning, een dwangbevel of een schriftelijke mededeling waarin zij duidelijk aanspraak blijft maken op betaling. Daarna begint doorgaans een nieuwe termijn van vijf jaar. Ook uitstel van betaling verlengt de verjaringstermijn.
Daarom kan een parkeerbon uit 2021 in 2026 nog invorderbaar zijn. Bij een oude rekening zijn vooral de oorspronkelijke betaaldatum en alle latere invorderingshandelingen van belang. Wie twijfelt, kan de gemeente om een overzicht daarvan vragen. Tegen een nieuwe naheffing kan meestal binnen zes weken bezwaar worden gemaakt, maar bezwaar schort de betalingsplicht niet automatisch op. Betalen of tijdig uitstel regelen kan extra kosten voorkomen. Een oude parkeerbon weggooien omdat er ogenschijnlijk vijf jaar voorbij zijn, is dan ook niet zonder risico.
Vandaag Inside: René van der Gijp wil Marcos Leonardo eindelijk eens zien scoren: 'Ik ga de training bezoeken!'