EU verzacht regels voor automerken, maar da's nog lang niet genoeg, aldus de automerken
In dit artikel:
De Europese auto-industrie reageert kritisch op het zogeheten Automotive Package van de EU, een pakket regels bedoeld om de transitie naar elektrische voertuigen te versnellen en Europees geproduceerde merken te bevoordelen. De Europese Vereniging van Automobielfabrikanten (ACEA) — waarin 17 grote fabrikanten zoals Stellantis, VAG, Renault, BMW, Mercedes en Europese takken van Ford, Honda, Hyundai en Toyota zijn verenigd — waarschuwt dat de voorgestelde instrumenten onvoldoende zijn om de sector na 2030 levensvatbaar te houden.
ACEA-voorzitter Ola Källenius zegt dat decarbonisatie de juiste richting is, maar dat de flexibiliteitsvoorstellen uit december niet volstaan om in de praktijk te transformeren. Het belangrijkste knelpunt zijn de dreigende boetes als de gemiddelde uitstootdoelstelling voor 2030 niet wordt gehaald: volgens de bond lopen fabrikanten het risico op enorme sancties als de markt voor volledig elektrische voertuigen (BEV’s) niet binnen vier jaar flink groeit.
Als oplossing vraagt ACEA twee aanpassingen. Ten eerste moet de referentieperiode voor de gemiddelde uitstootberekening verlengd worden van drie naar vijf jaar (2028–2032). Ten tweede moeten de huidige compensatie- en flexibiliteitsmaatregelen verder worden uitgebreid, niet alleen voor kleine, in de EU gebouwde elektrische personenauto’s maar ook voor andere voertuigcategorieën zoals bestelwagens. ACEA wijst erop dat de verkoop van volledig elektrische en plug-in hybride bestelwagens nog maar rond de 10 procent van nieuwe registraties ligt. Verder pleit de bond ervoor de 2035-doelstelling van 100 procent emissiereductie te temperen naar 90 procent om de industrie tijd te geven zich aan te passen. ACEA belooft met aanvullende voorstellen te blijven komen.