Ford vecht voor voortbestaan: radicale deal met concurrent om Chinese storm te overleven
In dit artikel:
Ford en Renault slaan de handen ineen om betaalbare elektrische auto’s te bouwen en zo marktaandeel in Europa te behouden tegenover goedkope Chinese concurrenten. Vanaf 2028 moeten in Renaults fabriek in Douai twee nieuwe, budgetvriendelijke elektrische Fords van de band rollen. De ontwerpen komen van Ford, maar de productielijn en techniek zijn Frans; daarmee verlaat Ford deels zijn eerdere afhankelijkheid van Volkswagens MEB-platform.
De samenwerking beperkt zich niet tot personenauto’s: er is ook een intentie om samen lichte bedrijfswagens te ontwikkelen. Doel is kosten te drukken, volumes te halen en zo concurrerend te blijven in een segment waar Chinese merken met scherpe prijzen en moderne technologie druk zetten. Ford-topman Jim Farley omschreef de zet in Parijs als een kwestie van overleven: “We weten dat we in deze industrie moeten vechten voor ons overleven.”
Tegelijkertijd uit Ford Europa-baas Jim Baumbick kritiek op het geplande verbod op verbrandingsmotoren in 2035. Hij pleit voor dat regelgeving aansluit op de praktijk en wil meer ruimte voor hybride oplossingen zolang laadinfrastructuur en betaalbaarheid voor consumenten onvoldoende zijn.
De deal illustreert de trend naar samenwerking en platformdelen in de autosector om ontwikkelingskosten te delen en sneller schaalvoordeel te bereiken in een snel veranderende, door prijs- en technologiedruk gedomineerde markt.