Grootschalige analyse van pechstatistieken toont aan dat elektrische auto's aanzienlijk minder vaak stranden dan modellen op benzine
In dit artikel:
Recente analyses uit Europa zetten een hardnekkig vooroordeel over elektrische auto’s eindelijk recht: zij zijn niet vaker onbetrouwbaar dan benzine- of dieselauto’s, maar juist minder vatbaar voor pech. Britse gegevens van de wegenwacht AA en Autotrader, aangevuld met jarenlang cijfermateriaal van de Duitse ADAC, laten zien dat elektrische voertuigen minder vaak stilvallen en dat storingen bij EV’s vaker ter plekke opgelost kunnen worden dan bij auto’s met een verbrandingsmotor.
Wie dit beeld ontkracht: sceptische bestuurders en anekdotische verhalen op verjaardagen die beweren dat EV-batterijen je in de kou laten staan. Waarom die verhalen niet kloppen: de technische opbouw van EV’s is veel eenvoudiger — elektromotoren kennen nauwelijks bewegende delen, geen olieverversingen, geen bougies, geen koppeling en vaak geen traditionele versnellingsbak. Moderne verbrandingsauto’s daarentegen bevatten tal van aanvullende emissie- en turbotechnieken (zoals EGR‑kleppen, roetfilters en AdBlue-systemen) die extra storingspunten opleveren.
Het meest voorkomende euvel bij zowel elektrische als fossiele auto’s blijkt verrassend klein: de 12‑volt startaccu die de boordelektronica voedt. Het grote tractiebatterijpakket onder de vloer is zelden de oorzaak van de meeste wegenwachtoproepen; range‑angst gebaseerd op het idee dat EV‑aandrijflijnen massaal stranden berust vooral op onderbuikgevoelens.
Dat neemt niet weg dat elektrisch rijden nadelen kent. EV’s zijn door hun hogere massa en directe koppel vaker toe aan bandenvervanging, carrosserieschade kan duurder zijn door sensoren en veiligheidsprocedures rond hoogspanningssystemen, en storingen in software vereisen vaak diagnose met een laptop. Ook blijven aanschafprijs, laadinfrastructuur en emotionele laadstress voor veel consumenten drempels.
Kort door de bocht: op betrouwbaarheidspunt(en) wint de elektrische auto van de plofmotor. Minder bewegende delen en lagere onderhoudsbehoefte zijn feitelijke voordelen, maar praktische en financiële aandachtspunten blijven bestaan. Het hardnekkige idee dat EV’s continu “kapot” gaan, kan volgens de gegevens definitief worden bijgesteld.