Lijstje: de hoogtepunten van de BMW Z-serie op een rij
In dit artikel:
BMW zet voorlopig een punt achter de Z‑serie; daarom een terugblik op ruim drie decennia kleine roadsters die het merk zijn sportieve imago meegegeven hebben. De Z‑naam komt van Zukunft (toekomst) en verscheen vanaf 1989 in uiteenlopende vormen: van experimentele gadgets tot volwaardige sportwagens en zeldzame special editions.
Het begon met de Z1 (1989), ontworpen door Harm Lagaay en gebouwd op een verkort 3‑seriechassis (E30). Opvallend waren de naar beneden schuivende deuren en het futuristische, ronde ontwerp. Slechts circa 8.000 exemplaren werden tussen 1989 en 1991 geproduceerd; technisch draaide alles om de 2,5‑liter zescilinder van de 3‑serie.
Half jaren ’90 reageerde BMW op het succes van de betaalbare Mazda MX‑5 met de Z3 (1995). Die roadster bood zowel vier‑ als zescilinderversies en kreeg in 1996 een snelle Z3 M‑variant met de M3‑motor (S50/S54), wat een kleine, gretige sportcoupé opleverde. In 1998 verscheen de opmerkelijke Z3 Coupé (E36/8) — de zo‑genoemde “clownschoen” of turnschuh — een vaste‑dak, shooting‑brake‑achtige uitvoering die door zijn rare proporties snel cultstatus verwierf.
Tussen de productiemodellen door experimenteerde BMW met concepten: de Z9 GT (1999) van Chris Bangle/Adrian van Hooydonk en later de Z8 (2000), die retro‑invloeden van de 507 droeg en werd uitgerust met de M5‑V8. De Z8 kreeg ook een Alpina‑variant (Roadster V8) die de motor en afstemming aanpaste en het exclusieve karakter verder verscherpte.
De tweede generatie Z4 (E85, 2002) zette het roadster‑idee voort met eigen chassiscode en uiteenlopende motoren; Alpina leverde opnieuw een opgepepte Roadster S in beperkte oplage. In 2005/2006 bracht BMW een coupéversie van de Z4 en ook een Z4 M met de sterke S54‑zescilinder — de laatste “volbloed” M‑Z tot dusver.
De derde generatie (E89, 2009) introduceerde een stalen klapdak en een sterke topversie sDrive35is met de tweevoudig geblazen N54, maar er kwam geen officiële M. Na een korte pauze keerde de Z4 in 2019 (G29) terug als softtop‑roadster en broer van de Toyota GR Supra. De G29 bood vier‑ en zescilinders en als topmodel de Z4 M40i met de B58‑zescilinder; later kwam aan het eind van de levensduur nog een handgeschakelde variant en een Final Edition die het tijdperk afsluit.
Naast serieproducten werden fraaie studiemodellen getoond, zoals de Concept Touring Coupé (Villa d’Este 2023) — een Z4‑shooting‑brake in luxueuze uitvoering — en een curiosum: een Z3‑prototype met de 5,4‑liter M73 V12, dat aantoonde hoeveel motorruimte de lange BMW‑neus bood.
Waarom de Z‑reeks nu stagneert? Marktontwikkelingen — minder vraag naar kleine tweezits roadsters en hogere kosten voor nichemodellen — plus strategische keuzes binnen BMW leiden tot het einde van de Z4‑productie na 2026. De Z‑serie laat een erfenis achter van technische durf (zoals de Z1‑deuren), motorsuccessen (M‑versies) en bijzondere zeldzaamheden (clownschoen, Z8/Alpina). Of deze roadsters ooit volledig terugkeren hangt af van veranderende markten en BMW’s toekomstvisie rondom elektrificatie en nichemodellen.