Lijstje: waarom de terugkeer van Renault Sport een goed idee is
In dit artikel:
Renault Sport lijkt voorlopig weg, maar de geest ervan leeft voort en er zijn signalen dat het sportlabel kan terugkeren — deels via Alpine en mogelijk opnieuw als heuse RS-behandeling voor nieuwe modellen zoals de Clio. Dit artikel blikt chronologisch terug op de meest bijzondere, invloedrijke en speelsste creaties van Renault Sport, en laat zien waarom liefhebbers hopen dat die magie niet verdwenen is.
1993 — Clio Williams
De Clio Williams wordt gezien als de voorloper van wat later RS zou worden: een eenvoudige, lichte hatchback (±930 kg) met een 2.0 motor en opvallend rijplezier. Niet de allergrootste pk-cijfers, maar een onovertroffen balans tussen gewicht, prijs en fun.
1999 — Clio Renault Sport 172
De Clio II was de eerste auto die officieel het RS-merk droeg. Met een 2.0 F4R-motor en rond de 172 pk bleef het recept van lichtgewicht, scherp chassis en puur bochtenplezier overeind — het type hot hatch waar foto’s van wijd uitslaande bochten bij horen.
2000 — Clio V6
Een vreemd en brutaal project: een middenmotor V6-Clio, gebouwd door Tom Walkinshaw Racing, met de krachtbron achter de voorstoelen en achterwielaandrijving. Resultaat: een brede, bijna karikaturale widebody met veel vermogen (initieel 230 pk, later 255 pk) en ongekend karakter — weinig praktisch, veel spektakel.
2005 — Clio RS 182 Trophy
Een verdere verfijning van het Clio-concept: 182 pk, sportievere onderstelcomponenten (Sachs RR-dempers), Recaro-kuipen en visuele knipogen naar de V6. De Trophy werd geroemd als ultieme rijervaring in zijn klasse, vooral in het Verenigd Koninkrijk waar de meeste exemplaren verkocht werden.
2007 — Twingo RS 133
Een compacte, lichtere ‘Clio-light’: dezelfde speelsheid, maar kleiner van formaat en met 133 pk. Het model toonde dat Renault Sport ook op microformaat kon knallen en bracht de Gordini-signatuurkleur terug in een nieuw jasje.
2008 — Mégane RS R26.R
Een paradevoorbeeld van wat Renault Sport durfde: een bijna radicaal afgeslankt en geënt op circuitgebruik model. Weggelaten comfort en elektronica, koolstofvezel motorkap, polycarbonaat ramen, racekuipen en optionele rolkooi. Slechts enkele honderden gemaakt; een bijna agonistische hot hatch.
2012 — Clio RS 200 RB7 & 2012 — Mégane RS 275 Trophy R
De derde Clio RS hield vast aan het beproefde recept maar liet zien dat het moeilijk is steeds opnieuw te overtreffen. Speciale edities (RB7, Gordini) gaven karakter. De Mégane Trophy R reageerde op concurrentie rond Nürburgring met extra vermogen (275 pk) en prestatie-upgrades om het ronderecord terug te eisen.
2018 — Clio RS 220 Performance Accessories
De vierde Clio RS bleek controversieel: geen handbak meer, alleen EDC (dubbele koppeling) en een kleinere 1.6 turbo. Renault bood met Performance Accessories af-fabriek tuningpakketten en bodykits om toch een echte RS-ervaring te creëren, maar de eenvoud van vroegere RS-modellen leek deels zoek.
2019 — Mégane RS 300 Trophy R
De laatste Mégane RS bouwde voort op de 1.8 turbo en leverde in Trophy R-trim 300 pk. Zoals vaker bracht Renault Sport beperkte oplages (±500 stuks) om pure prestatieversies betaalbaar en exclusief te houden.
2023 — Mégane RS Ultime
De allerlaatste Mégane RS-uitvoering was een Japan-only afscheid: 300 pk en een sperdifferentieel, veel Trophy-attributen, maar geen vervolg; Renault schakelde over naar elektrische Mégane-modellen.
2025 — Alpine A290 GTS
Hier zien we de toekomstige richting. Alpine — dat de rol van Renault Sport deels overnam — bouwt sportieve varianten van elektrische modellen. De A290 GTS (een scherpere versie van de elektrische Renault 5) biedt 220 pk, relatief laag gewicht (<1.500 kg voor een EV) en een rijfocus die sterk aan het oude RS-gevoel doet denken. Alpine fungeert dus als levende erfenis van Renault Sport en laat zien hoe sportiviteit in een elektrische toekomst kan klinken.
Waarom mattered Renault Sport?
Renault Sport was niet enkel een serie krachtige motoren; het was een filosofie: lichtgewicht, scherp afgesteld chassis, relatieve betaalbaarheid en maximale rijbeleving. Vaak waren RS-modellen niet de snelste op papier, maar wel het leukst om mee te rijden — dat onderscheidde ze van concurrenten. Beperkte oplages, racegeïnspireerde special editions en durf (zoals de Clio V6 en de R26.R) bouwden een cultstatus.
Huidige situatie en vooruitzicht
Het sportlabel zakte langzaam in door veranderende markteisen (strenger emissiebeleid, elektrificatie) en strategische keuzes (Alpine als sportkopstuk, RS-line en Esprit Alpine als submerken). Toch bestaat er een duidelijke vraag naar een herleving van dat pure, betaalbare sportkarakter. Alpine’s projecten als de A290 GTS laten zien dat het DNA van Renault Sport nog niet dood is; het mutereert naar elektrisch aangedreven, maar toch op rijplezier gefocuste uitvoeringen.
Kortom: het verleden van Renault Sport staat vol gedurfde, inventieve en vaak beperkte uitvoeringen die de merkwaarde van Renault als sportief merk bepaalden. Of die magie exact terugkeert in klassieke RS-vorm is onzeker, maar via Alpine en elektrificatie lijkt het ethos van Renault Sport een nieuwe weg te vinden — en dat is voor liefhebbers hoopgevend.