Mathijs (30) kocht zijn Volvo als sloopauto van 650 euro: "Nu 559 pk sterk"
In dit artikel:
Mathijs Boezewinkel (30) nam vier jaar geleden een offerte van 650 euro aan voor een verkrotte Volvo 740 van de sloop en veranderde die in een extreem uitgewerkte show- en racemonster. Het project ontstond nadat zijn Volvo 850 tijdens een vriendenweekend op de Nürburgring een drijfstanglager verloor; Mathijs repareerde de vijfcilinder en liet zich inspireren door video’s van Swedes die T5-motoren in oude 740’s lepelen. Uiteindelijk bouwde hij een T5 in de 740 en restaureerde de hele auto tot in de kleinste details.
In zijn strak georganiseerde werkplaats, waar hij als metaalbewerker veel van het werk zelf doet, werden onderdelen gefabriceerd en aangepast: eigenhandig gemaakte kabelbomen, een op maat gelast spruitstuk en inlaat, een zelfgemaakte rolkooi en zelfs speciaal behandelde montagehardware (gegalvaniseerd). De motorruimte is uitzonderlijk schoon: kabels lopen door de zijschermen en de motorkabelboom is verlegd door een nieuwe doorgang in het schutbord. Wielen zijn afkomstig van een Panamera, remmen van een Porsche Cayenne — geen plug-and-play maar millimeterwerk en aanpassingen.
De getunede vijfcilinder met een Garrett-imitatieturbo levert volgens de rollenbank 559 pk en 650 Nm bij 1,9 bar druk—waardes die een nieuwe Porsche 911 GT3 op papier overstijgen qua koppel en vermogen. Mathijs programmeerde en fixt de MaxxECU zelf; hij toont belangrijke motorwaarden met een eigen gemaakte sierlijst op het dashboard en heeft per cilinder uitlaatgassensoren geplaatst. Ook installeerde hij rolling anti-lag: een hoorbaar en spektaculair opschakelsysteem dat boost opbouwt maar gepaard gaat met flinke knallen uit de pijp. De sprint van 100 naar 200 km/h duurt 5,94 seconden — naar zijn weten sneller dan enige andere Volvo in Nederland.
Hij deed bijna alles zelf, inclusief het ombouwen van zijn garage tot spuitcabine en het wekenlange schuur- en spuitwerk. De kosten hield hij niet precies bij, maar het zelf doen leverde veel besparing op, al vond hij het lakwerk zwaar en tijdrovend.
Het project is niet afgerond: in de werkplaats staat al een andere T5 (2.5) klaar die hij wil inbouwen met een gesloten-deck constructie om de cilinderbussen tegen scheuren bij hoge druk te beschermen. Met zwaardere drijfstangen, nieuwe zuigers en een aangepaste kop (dubbele nokkenasverstelling) mikt hij op meer onderin koppel — en technisch zou die opzet, zo is hem verteld, tot circa 1.000 pk aankunnen, al richt hij zich vooral op tractie en betrouwbaarheid.
Kortom: Mathijs combineert esthetiek en vakmanschap met brute motorprestaties; zijn 740 is evenveel handgemaakt kunstwerk als straatracer.