Nederland telt 4.100 tankstations, maar elektrisch rijden zet hun toekomst volledig op zijn kop
In dit artikel:
Nederland telt volgens cijfers die ANP bij BOVAG opvroeg in juni 2026 nog 4.084 tankstations. Dat zijn er slechts zestien minder dan een jaar eerder, ondanks de snelle groei van elektrisch rijden. Het netwerk verdwijnt voorlopig dus nauwelijks, maar de functie van de locaties verandert wel ingrijpend.
Uit een onderzoek uit 2024 blijkt dat de gezamenlijke waarde van Nederlandse tankstations ongeveer 7 miljard euro bedraagt. De verkoop van fossiele brandstoffen kan richting 2050, afhankelijk van het scenario, met 60 tot 90 procent dalen. Toch betekent dat niet dat een vergelijkbaar aantal stations verdwijnt: vooral de ligging, beschikbare ruimte en voorzieningen kunnen waardevol blijven.
De omslag gaat bovendien geleidelijk. Bestaande benzine- en dieselauto’s blijven vaak nog tien tot vijftien jaar rijden, waardoor de vraag naar fossiele brandstof tot ongeveer 2030 naar verwachting beperkt afneemt en daarna sneller daalt. Een eind 2025 voorgesteld Europees plan om de CO2-eis voor nieuwe auto’s vanaf 2035 te versoepelen, kan het tempo beïnvloeden, maar verandert de langetermijnrichting van elektrificatie niet.
Goed gelegen stations langs drukke routes kunnen uitgroeien tot laadlocaties. Ze hebben ruimte, verkeer en soms een gunstige aansluiting op het elektriciteitsnet. Dat is niet overal haalbaar: snelladen vraagt veel vermogen, terwijl netcongestie uitbreidingen bemoeilijkt. Ook blijven elektrische auto’s langer staan, waardoor meer ruimte nodig is.
De langere laadduur biedt stations tegelijk kansen voor winkels, horeca, toiletten, werkplekken en andere diensten. Het verdienmodel verschuift daarmee van brandstof en snelle aankopen naar laden en langer verblijf. BOVAG adviseert ondernemers daarom te investeren in laadvoorzieningen en alternatieve inkomsten, zeker omdat de verkoop van tabak vanaf 2030 niet meer is toegestaan.
Vooral kleine, onbemande stations zonder winkel zijn kwetsbaar. ING wijst daarnaast op stations in grensregio’s, die al last hebben van Nederlandse prijsverschillen en concurrentie uit België en Duitsland. Zij hebben vaak onvoldoende omzet om een laadplein of nieuw dienstenaanbod te financieren. De sterkste locaties kunnen daarentegen een tweede toekomst krijgen als combinatie van laadplek, rustpunt, winkel en horecagelegenheid.
Vandaag Inside: Johan Derksen waarschuwt Mona Keijzer: 'Dát is het gevaar!'