Newsflash: Mini 1998 GT

zondag, 13 september 2026 (23:53) - Auto Internationaal

In dit artikel:

China bepaalt steeds sterker de concurrentieregels in de markt voor elektrische auto’s. Toyota en Hyundai kiezen daarbij verschillende strategieën. Toyota wil eind 2027 in een nieuwe, volledig eigen fabriek in Shanghai een elektrische Lexus-SUV gaan bouwen. De fabriek vergt 14,6 miljard yuan, krijgt aanvankelijk een capaciteit van 100.000 voertuigen per jaar en gebruikt onder meer gigacasting, waarbij grote carrosseriedelen uit één aluminiumstuk worden gemaakt. Meer dan 95 procent van de onderdelen, waaronder batterijen, motoren en software, moet uit China komen. Toyota wil de ontwikkeltijd terugbrengen van vier à vijf jaar naar ongeveer twee jaar en China gebruiken als proeftuin voor nieuwe productietechnieken. De koerswijziging volgt op een daling van de Chinese Toyota-verkopen met 24,3 procent in juli, doordat lokale EV-producenten terrein winnen.

Hyundai verkoopt in China veel minder auto’s dan Toyota en wil zijn verkoop tegen 2030 verhogen naar 500.000 voertuigen, inclusief export vanuit China. Via de joint venture met BAIC ontwikkelt het merk modellen die specifiek op de Chinese markt zijn gericht, met lokale leveranciers en technologiepartners zoals CATL en Momenta. De elektrische sedan Ioniq V wordt het eerste model; vanaf 2027 volgen compacte SUV’s met volledig elektrische en range-extender-aandrijving. Hyundai wil Chinese fabrieken bovendien benutten als exportbasis voor Latijns-Amerika, het Midden-Oosten en Zuidoost-Azië. Experts verschillen van mening over de beste aanpak: Toyota heeft meer zeggenschap dankzij zijn eigen fabriek, terwijl Hyundai meer ervaring heeft als internationaal EV-merk.

De Chinese auto-export groeit ondertussen explosief. In de eerste acht maanden van het jaar werden ruim 6,2 miljoen personenauto’s uitgevoerd, meer dan in heel vorig jaar. Alleen al in augustus steeg de export met 67,1 procent tot circa 890.000 voertuigen, vooral dankzij plug-inhybrides en volledig elektrische auto’s. Binnenlandse verkopen daalden daarentegen met 25,6 procent door felle prijsconcurrentie, een zwakkere economie en beperkt consumentenvertrouwen. Chinese fabrikanten richten zich daarom sterker op Europa, Latijns-Amerika, Afrika en Zuidoost-Azië en bouwen daar steeds vaker lokale fabrieken om handelsbarrières en transportkosten te omzeilen.

Bovensiepen, het nieuwe merk van de voormalige Alpina-oprichters, presenteerde de Spider: een gelimiteerde roadster op basis van de BMW Z4 M40i. Van de auto met 435 pk en 550 Nm worden slechts 99 exemplaren gebouwd, met leveringen vanaf begin 2027. De Spider sprint in 4,2 seconden naar 100 km/u en haalt 290 km/u. Aanpassingen aan motor, koeling, uitlaat, onderstel en remmen moeten de prestaties en het rijgevoel verbeteren. De prijs bedraagt in Nederland 175.000 euro.

De sterkere yen vormt een risico voor Japanse autofabrikanten. De munt steeg tot iets boven 153 yen per dollar, het hoogste niveau in meer dan zes maanden. Toyota rekent voor zijn prognoses nog op 160 yen per dollar en schat dat elke yen stijging het jaarlijkse bedrijfsresultaat met ongeveer 50 miljard yen verlaagt. Een duurdere yen maakt buitenlandse inkomsten bij omrekening minder waard, al zijn veel Japanse fabrikanten gedeeltelijk beschermd doordat zij lokaal produceren in hun afzetmarkten.

Kia verkocht sinds de introductie in juni 2025 wereldwijd 53.530 exemplaren van zijn elektrische bedrijfswagen PV5; ongeveer 60 procent ging naar buitenlandse markten. Het model is Kia’s eerste speciaal ontwikkelde ‘purpose-built vehicle’. Het merk wil zijn aanbod uitbreiden met de grotere PV7, die tijdens de IAA Transportation 2026 in Duitsland wordt onthuld en daarna op de markt komt.

Mini brengt in de Verenigde Staten de gelimiteerde 1998 GT Edition uit. De naam verwijst naar de cilinderinhoud van de 2,0-liter motor, niet naar het bouwjaar 1998. De op de Cooper C gebaseerde uitvoering krijgt een sportiever onderstel, sterkere remmen, een John Cooper Works-aankleding en 163 pk, maar geen extra motorvermogen. De vanafprijs bedraagt 36.875 dollar.

Nissan verplaatst ten slotte binnen enkele jaren de productie van de Serena en de luxere Elgrand naar de fabriek in Tochigi, ten noorden van Tokio. Daarmee wil het bedrijf de productie efficiënter organiseren en de lage bezettingsgraad van de fabriek verbeteren, die onder meer elektrische modellen maakt. De maatregel past in een bredere herstructurering waarbij Nissan wereldwijd zeven fabrieken wil sluiten en de binnenlandse productie uiteindelijk met ongeveer 40 procent wil verhogen.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside: René van der Gijp onthult bij Vandaag Inside grootse plannen met podcast KieftJansenEgmondGijp