Porsche: de remsporen van Blume's elektrische strategie

maandag, 19 januari 2026 (08:39) - Auto Internationaal

In dit artikel:

Autofabrikant Porsche zag de leveringen in 2025 terugvallen en wijst meerdere oorzaken aan: technische beperkingen, strategische keuzes en veranderende marktvraag. Het merk leverde vorig jaar 279.449 auto’s af, tegen 310.718 in 2024 — een daling van ongeveer 10 procent. Volgens Matthias Becker (raad van bestuur, verkoop en marketing) spelen leveringsproblemen voor benzineversies van de 718 en Macan, een verzwakte vraag in China en een bewust verkoopbeleid dat marge boven volume stelt, een rol.

Regionaal blijkt het verschil groot. Noord‑Amerika bleef relatief stabiel, deels doordat daar Chinese concurrentie en import uit China nauwelijks merkbaar zijn. In Europa — en met name in Duitsland, traditioneel een van de grootste markten voor Porsche — liep de afzet echter sterk terug: van 111.751 in 2024 naar 96.308 in 2025 (−14%). Porsche noemt als oorzaak het ontbreken van uitvoeringen met verbrandingsmotor op de EU-markt, officieel vanwege eisen rond cyberbeveiliging. De analyse wijst erop dat dit besluit deels strategisch was: Porsche haalde bepaalde benzinemodellen bewust van de Europese markt, wat een belangrijke bijdrage heeft geleverd aan de omzetdaling.

De Macan illustreert de complexiteit. De bestseller kende 84.328 leveringen (+2%), waarvan meer dan de helft elektrische exemplaren (45.367). Buiten de EU werden nog 38.961 benzine‑Macans geleverd, wat de vraag oproept hoeveel EU‑kopers zijn misgelopen door het ontbreken van die variant. Voormalig CEO Oliver Blume gaf toe dat het stoppen van de Macan‑benzineversie een fout was; Porsche werkt aan herstel, maar inschattingen wijzen erop dat een nieuwe benzine/hybride Macan pas rond 2029–2030 op de markt kan komen — mogelijk te laat om van strategisch nut te zijn.

Ook bij de 718‑familie (Cayman en Boxster) is het gat in het aanbod voelbaar: Porsche stopte in oktober de productie van die reeks zonder elektrische opvolger in de schappen te hebben. Tot dat moment werden 18.612 stuks afgeleverd, een daling van circa 21 procent (bijna 5.000 auto’s) ten opzichte van het voorgaande jaar. Porsche kondigt aan de 718 alsnog weer met krachtige verbrandingsmotoren te gaan leveren, maar timing blijft onduidelijk.

Een andere factor is prijscompetitie op de EV‑markt, vooral in China. De Taycan‑verkopen daalden met 22 procent en concurrerende Chinese EV‑modellen, zoals de Xiaomi SU7, zitten qua prijs ver onder die van Porsche, wat de concurrentiepositie onder druk zet. Daarnaast duiden geruchten over uitstel van een 7‑persoons elektrische SUV en technische/softwareproblemen bij de productie van de elektrische Macan op operationele uitdagingen die serieopstart vertragen.

Conclusie: Porsche’s vroege en forse inzet op elektrificatie is strategisch verklaarbaar, maar het weghalen van emotioneel sterke verbrandingsmodellen uit het aanbod bleek een fout met meetbare verkoopgevolgen. De late koerscorrectie kost tijd en geld en kan middelen wegnemen van verdere EV‑ontwikkeling — terwijl concurrenten zoals BMW met een dual‑track‑strategie zowel ICE als EV parallel bleven ontwikkelen en daardoor veerkrachtiger waren. De transitie naar elektrisch blijft onvermijdelijk, maar de timing en het competitieve speelveld bepalen wie de grootste prijs betaalt voor strategische misstappen.