Slovenië bezwijkt onder tanktoeristen en gooit als eerste EU land brandstof op de bon

dinsdag, 24 maart 2026 (13:31) - Autobahn

In dit artikel:

Slovenië is het eerste EU-land dat officiële brandstofrantsoenen invoert omdat pompen massaal worden leeggetankt door koopjesjagers uit de buurlanden. Door kunstmatig lage prijzen is het prijsverschil met aangrenzende landen enorm, waardoor mensen over de grens komen tanken en de vraag lokaal onhoudbaar is geworden.

Premier Robert Golob voerde per direct limieten in: particuliere automobilisten mogen maximaal 50 liter per dag tanken, bedrijven en boeren 200 liter. De verantwoordelijkheid voor handhaving ligt bij de tankstations; sommige ketens, zoals MOL, hadden uit eigen beweging al een lagere grens (30 liter) ingesteld. De maatregel ging in vanaf zondag.

Volgens de regering is er landelijk geen structureel tekort; de grote opslagplaatsen zouden vol zijn. Het knelpunt is logistiek: tankwagens kunnen de plotselinge piekvraag bij de pompen niet bijbenen. Om bevoorrading vlot te trekken is het leger ingezet om transport te ondersteunen.

De situatie zorgt voor politieke en maatschappelijke onrust. Oostenrijkse politici toonden beelden van enorme files bij Sloveense stations, en binnen Slovenië zijn de reacties verdeeld: bewoners klagen over wachtrijen en lege pompen, terwijl lokale ondernemers profiteren van extra bestedingen van tanktoeristen. Tegelijkertijd onderzoekt de regering de nationale leverancier Petrol op mogelijke voorraadhouding; Petrol ontkent dat en wijst op de explosieve vraag.

Het prijsverschil illustreert de prikkel voor grensverkeer: waar een liter in Oostenrijk inmiddels ruim twee euro kost, betaal je in Slovenië maximaal rond €1,47 voor Euro super — genoeg om tanktoerisme financieel aantrekkelijk te maken en de nieuwe beperking noodzakelijk te maken.