TEST - Op dit onderdeel verliest de BMW 3-serie verrassend van al zijn concurrenten
In dit artikel:
De nieuwe Audi A5 Avant e-Hybrid is in een vergelijkingstest gezet tegen de BMW 330e xDrive Touring, Volkswagen Passat e-Hybrid Variant en Volvo V60 T6 AWD om te beoordelen hoe sterk moderne plug-in hybrides nog zijn als alternatief voor een volledig elektrische gezins- of zakenauto. De test draait vooral om aandrijflijn, verbruik, elektrische actieradius en laadsnelheid.
Onder de motorkap kiezen alle vier voor een viercilinder, maar met duidelijke verschillen. Audi en BMW gebruiken een 2,0-liter motor, terwijl Volvo daar een krachtiger variant met turbo én compressor tegenover zet. Volkswagen houdt het bescheidener met een 1,5-liter TSI en is daardoor het minst sterk in deze groep. Ook elektrisch lopen de cijfers uiteen: de Volvo levert samen met zijn elektromotor veruit de meeste systeemkracht en is daardoor de snelste sprinter. De V60 accelereert in ongeveer 5 seconden naar 100 km/h en blijft tot zijn begrensde topsnelheid van 180 km/h opvallend vlot.
Toch is pure snelheid niet doorslaggevend. In dagelijks gebruik telt vooral efficiëntie, en juist daar pakt de Volkswagen Passat de winst. Die verbruikt het minst, haalt de beste elektrische en totale actieradius en is bovendien de enige met 50 kW snelladen, waardoor tussentijds bijladen praktisch wordt. De nieuwe Audi A5 Avant e-Hybrid blijkt op dat punt minder vooruitstrevend: laden gaat maximaal met 11 kW, wat hem achterop zet bij de Passat. BMW en Volvo kunnen eveneens niet snelladen, maar dat wordt hen minder zwaar aangerekend omdat het oudere modellen zijn. Uiteindelijk eindigt de Passat als overall winnaar, gevolgd door de Audi en de snelle Volvo; de BMW 330e scoort het zwakst op aandrijflijnniveau.
De Oranjezomer: Merel van Dongen na uitspraken Pierre van Hooijdonk: 'Hij heeft een vuurtje in mij aangewakkerd!'