Twee vrijwel dezelfde elektrische auto's kunnen in de winter flink verschillen in actieradius, door één optie
In dit artikel:
Twee elektrische auto’s met dezelfde accu en aandrijflijn kunnen in de winter toch een verschillend rijbereik hebben. Een belangrijke oorzaak is de aanwezigheid van een warmtepomp, die bij sommige modellen standaard is, als optie wordt aangeboden of helemaal ontbreekt.
Een elektrische auto heeft weinig restwarmte, waardoor het interieur grotendeels met energie uit de tractiebatterij moet worden verwarmd. Een gewone elektrische kachel zet stroom rechtstreeks om in warmte en kan daardoor veel energie verbruiken. Een warmtepomp haalt warmte uit de buitenlucht of andere onderdelen van de auto en gebruikt daarvoor efficiënter elektriciteit. Zo blijft meer energie over om te rijden.
Het voordeel is niet onder alle omstandigheden even groot. De besparing hangt af van de buitentemperatuur, ritlengte, gewenste temperatuur en het ontwerp van het verwarmingssysteem. Vooral bij temperaturen rond het vriespunt kan een warmtepomp efficiënt werken. Bij zeer strenge kou, zoals min 10 graden, verdwijnt het voordeel volgens een ADAC-test grotendeels. Op korte ritten weegt het energieverbruik voor het opwarmen van een koude auto bovendien relatief zwaar mee.
Voorverwarmen terwijl de auto aan de laadpaal staat, en het gebruik van stoel- en stuurverwarming, kunnen het winterverbruik verder beperken. Bij de aankoop van een gebruikte elektrische auto is het daarom verstandig niet alleen naar accucapaciteit en motorvermogen te kijken, maar ook te controleren of het betreffende exemplaar een warmtepomp heeft. Twee verder identieke occasions kunnen daardoor in de praktijk duidelijk verschillen in verbruik en actieradius.
Vandaag Inside: Johan Derksen werd pisnijdig op zijn dochter: 'Ik hoorde haar dat zeggen'