Waarom deze 24-jarige bakker in een dikkere auto rijdt dan de meeste CEO's en hoe hij dat flikte zonder lening
In dit artikel:
In Frankrijk rijdt een 24‑jarige jongeman die overdag in een bakkerij werkt in een Ferrari 458 Italia — een zeldzame supercar met cultstatus. Hij kreeg de sleutel niet via erfgoed, loterij of crypto‑winst, maar door jarenlang spaarzaam leven en slim handelen in tweedehandsauto’s. In plaats van zijn eerste salarissen uit te geven, kocht hij goedkope wrakken, knapte die ’s avonds en in het weekend op en verkocht ze met winst; elke transactie leverde kapitaal voor de volgende stap.
De Ferrari 458 is voor liefhebbers bijzonder: een middenmotor met een atmosferische 4,5‑liter V8 die tot circa 9.000 tpm draait, ongeveer 570 pk levert en een top van rond de 325 km/u heeft. Omdat dit de laatste generatie Ferrari’s met zo’n ongetunede V8 is voordat turbo’s de norm werden, neemt de waarde van de 458 vaak toe of blijft stabiel — de jonge eigenaar heeft dus niet alleen een droomwagen, maar ook een investering.
Het bezit van zo’n auto brengt echter grote kosten en offers met zich mee. Onderhoudsbeurten en slijtage kunnen duurder zijn dan een maandsalaris in de bakkerij, en verzekerings‑ en brandstofkosten zijn voor jonge bestuurders doorgaans hoog. Die financiële verplichtingen dwingen hem nog steeds tot zuinigheid en doorwerken: vroeg opstaan om deeg te kneden en daarnaast zuinig omgaan met de opbrengsten van zijn handel.
Het verhaal toont dat combinatie van vakkennis (zowel technisch als marktrelatief), discipline en lange adem kan leiden tot onverwachte resultaten. Waar veel twintigers genoegen nemen met een tweedehands Golf of leaseauto, koos hij voor een stapsgewijze, risicobeheersende opbouw van kapitaal — met als resultaat een van de meest begeerde moderne Ferrari’s.