Waarom jij je gelukskenteken verplicht moet inleveren en Koning Willem-Alexander niet
In dit artikel:
Autoliefhebbers worden vaak teleurgesteld zodra een aantrekkelijk kenteken bij verkoop of inruil van hun auto verdwijnt: in Nederland hoort een kenteken aan het chassis vast en verhuist met de auto naar de nieuwe eigenaar. De RDW registreert voertuig, specificaties en kenteken als één onlosmakelijk pakket; alleen bij export of sloop komt het nummer vrij.
Koning Willem‑Alexander maakt hier al jaren een uitgesproken uitzondering. Hij rijdt standaard met kenteken AA 86 en neemt dat nummer bij iedere vervanging van zijn zwaar gepantserde limousine mee naar het volgende model. Dit is mogelijk dankzij een speciaal, persoonsgebonden kentekenregister van het Koninklijk Huis: sinds 1951 is de AA‑reeks (AA 01–AA 999) gereserveerd voor leden en functies van het hof en wordt beheerd door het Koninklijk Staldepartement. Binnen die serie zijn de platen niet aan een voertuig maar aan een persoon of functie gekoppeld.
De maatregel is vooral ingevoerd om beveiliging en logistiek te vergemakkelijken. Omdat kentekens binnen de AA‑serie niet in het openbare verzekeringsregister verschijnen, biedt het extra anonimiteit en laat het de hofhouding voertuigen snel intern wisselen zonder telkens het publieke register te moeten herzien. Wanneer een oud koninklijk voertuig toch aan een particulier wordt doorverkocht, vervallen de privileges: het krijgt een regulier RDW‑kenteken.
Kortom: terwijl gewone automobilisten vastzitten aan kentekens die aan het voertuig zijn verbonden, geniet het staatshoofd een decennialange, door veiligheid en praktijk gedreven uitzondering met het herkenbare kenteken AA 86.