Waarom jonge droomauto's ineens de klassiekermarkt opschudden

woensdag, 13 mei 2026 (06:45) - Autobahn

In dit artikel:

De klassiekermarkt verschuift: niet langer domineren alleen vooroorlogse iconen en zeldzame vijftig- en zestigerjaren-auto’s de absolute hoge prijzen. Moderne supercars en zeldzame homologatiespecials uit de jaren tachtig, negentig en nul behalen inmiddels moeiteloos miljoenen. Die verandering speelt zich af vooral omdat nieuwe kopers — mensen die nu het geld hebben — kopen wat vroeger op hun slaapkamerposter hing of in videogames verscheen.

Marktcijfers bevestigen de maturiteit van de sector. Volgens een recente analyse van verzekeraar Hagerty over 2025 bleef bijna 80% van de klassiekerwaarden gelijk of daalde, waarmee de euforie na corona is afgezwakt. Toch groeiden specifieke segmenten: hot hatches en RADwood-favorieten (auto’s uit de jaren ’80 en ’90) winnen aan populariteit. De Hagerty Bull Market List 2026 benadrukt moderne helden zoals de BMW M5 E60, Corvette C6 Z06, Porsche Carrera GT, maar ook bereikbaarere legendes als Mazda MX‑5 NB, Nissan Skyline R33 GT‑R en VW GTI VR6.

Veilingen weerspiegelen die trend. Op Rétromobile 2026 en bij huisveilinghuizen als Gooding Christie’s en RM Sotheby’s haalden zowel klassieke topstukken (een Ferrari 250 GT SWB California Spider uit 1960 voor ruim €14 miljoen) als recentere exotica hoge bedragen: een Ferrari 288 GTO (1984) voor ruim €9,1 miljoen, een Enzo (2004) voor ruim €8,1 miljoen en een FXX K Evo (2018) voor bijna €7 miljoen.

Leeftijd alleen bepaalt de waarde niet meer. Kopers letten op zeldzaamheid, volledige onderhoudsdocumentatie, fabrieksoriginele specificatie, racehistorie, lage kilometerstand of een beroemde eerste eigenaar. De markt is selectiever: middelmatige oldtimers profiteren niet automatisch van de hausse. Waardevol zijn die auto’s die technisch, cultureel en emotioneel aansluiten bij de huidige generatie verzamelaars.