Zie je een groen zwaailicht? Dan is het geen gewone voorrangsauto
In dit artikel:
Bij een groot ongeval of brand zie je soms op afstand een felgroen zwaailicht op een hulpverleningsvoertuig. Veel automobilisten denken dat dat om een extra ambulance of een spoedgeval gaat en dat ze direct opzij moeten; dat is een misvatting. In Nederland mag alleen het commandovoertuig van politie, brandweer of ambulance dit groene licht voeren. Het doel is intern herkenbaar maken waar de operationele leiding zich bevindt, zodat hulpverleners op de plaats van het incident snel het coördinatiepunt kunnen vinden en chaos wordt beperkt.
Het groene zwaailicht geeft dus geen wettelijke voorrangsrechten. Juridisch geldt een voertuig pas als voorrangsvoertuig als het blauwe zwaailicht of flitslicht samen met een tweetonige sirene wordt gebruikt; dát is het signaal waarvoor je ruimte moet maken. Een commandovoertuig met alleen groen staat vaak stil bij een afzetting of het incident; bestuurders moeten wel extra voorzichtig zijn, snelheid aanpassen en de aanwijzingen van hulpdiensten of verkeersregelaars opvolgen, maar paniekmanoeuvres zijn niet nodig.
Kort gezegd: blauw+sirene = vrijmaken; groen = hier is de leiding van de hulpverlening gevestigd. Het groene zwaailicht dient primair intern als baken tijdens complexe incidenten en niet als oproep aan weggebruikers om onmiddellijk plaats te maken.